Spreken oefenen A2 en B1
Spreekexamen oefenen? Hieronder staan oefenopdrachten voor A2 en B1 in de vorm die het examen gebruikt: bij A2 met de echte plaatjes en een geluidsfragment, bij B1 met de tijd die je op de examendag krijgt.
5 A2-opdrachten · 8 B1-opdrachten · geen account nodig
Spreken A2: vijf opdrachten, alle examenvormen
Het officiële oefenexamen van DUO noemt vier soorten spreekvragen, en alle vier werken met beeld: een vraag bij een video, bij 1 plaatje, bij 2 plaatjes waarvan je er één kiest, of bij 3 plaatjes waar je een verhaal bij vertelt. Hieronder staat één complete ronde: een korte warming-up en daarna alle vier de vormen, met de echte plaatjes en één echt geluidsfragment.
Zet een timer, spreek hardop en neem jezelf op met je telefoon. Perfecte uitspraak hoeft niet — verstaanbaar zijn op je niveau is genoeg, en een gedeeltelijk antwoord scoort altijd hoger dan geen antwoord.
- 01 45 seconden Warming-up
Stel uzelf kort voor. Vertel ook waar u vandaan komt.
Bijvoorbeeld: "Ik heet Sara. Ik kom uit Syrië en ik woon nu in Amsterdam."
Wat erin moet: Stel uzelf kort voor (uw naam). Vertel ook waar u vandaan komt.
- 02 60 seconden Video
Luister en geef antwoord. Vertel ook het tweede deel.
Ingesproken door onze audio, bij deze videovraag uit onze eigen A2-leerstof.
Bijvoorbeeld: "Als het mooi weer is, ga ik wandelen. Als het regent, blijf ik thuis en lees ik."
Wat erin moet: Geef antwoord op het hoofddeel van de vraag. Beantwoord het tweede deel: vertel ook waarom, hoe vaak of met wie.
- 03 60 seconden Eén plaatje
Wat doet deze persoon? Vertel ook of u dat leuk vindt.
Bijvoorbeeld: "Deze man sport in de sportschool. Ik sport zelf ook graag, want dat is gezond."
Wat erin moet: Beschrijf wat de persoon op het plaatje doet. Beantwoord het persoonlijke tweede deel (of u dat ook doet, leuk vindt, of waarom).
- 04 60 seconden Twee plaatjes — kies er één
Waar gaat u liever heen? Vertel ook waarom.

Bijvoorbeeld: "Ik ga liever naar het strand, want ik hou van de zee."
Wat erin moet: Zeg welk plaatje u kiest. Geef een reden waarom u dat kiest.
- 05 90 seconden Drie plaatjes — vertel een verhaal
Vertel het hele verhaal. Zeg ook hoe het afloopt.


Bijvoorbeeld: "Eerst zet de man koffie. Daarna schenkt hij het in. Ten slotte drinkt hij de koffie."
Wat erin moet: Vertel wat er op het eerste plaatje gebeurt. Vertel wat er op het tweede plaatje gebeurt. Vertel wat er op het derde plaatje gebeurt (hoe het afloopt).
Oefenopdrachten uit server/resources/speaking/levels/s23/level.json, "Je eerste examenronde". Het echte examen boek en doe je bij DUO op inburgeren.nl.
Spreken B1: acht opdrachten met de examenklok
Op B1 (Staatsexamen NT2 Programma I) zijn er geen plaatjes meer: je hoort of leest een korte situatie en spreekt je antwoord meteen in. 20 seconden bij een korte opdracht, 30 bij een langere. Voorbereidingstijd is er niet.
Dit zijn andere opdrachten dan op onze B1-examenpagina — twee complete sets om mee te oefenen in plaats van dezelfde acht twee keer.
- 01 20 seconden
U volgt een opleiding. De docent vertelt dat het examen volgende week is. Vertel wat u vindt van deze situatie.
Wat erin moet: Zeg wat je ervan vindt met 'Ik vind dat…' of 'Ik denk dat…' — let op: het werkwoord staat aan het eind van de bijzin.
- 02 20 seconden
U volgt een cursus Nederlands. De school wil de lessen op zaterdag geven in plaats van op woensdag. Wat vindt u daarvan?
Wat erin moet: Zeg wat je van de verandering vindt, bijvoorbeeld met 'Ik zou liever…' of 'Ik vind dat…', en geef er een reden bij met want of omdat.
- 03 20 seconden
U zoekt een opleiding. U vergelijkt twee opleidingen: een korte opleiding en een lange opleiding. Welke is beter? Vertel waarom.
Wat erin moet: Vergelijk de twee opleidingen met een vergelijkende vorm (korter, langer, beter) en zeg welke je kiest.
- 04 20 seconden
Uw vriend wil stoppen met zijn baan, maar hij heeft nog geen andere baan. Geef hem advies.
Wat erin moet: Geef advies met 'je zou moeten' of 'je kunt', en geef er een reden bij.
- 05 30 seconden
U wilt een cursus volgen. U kunt kiezen: een avondcursus die dichtbij is, of een dagcursus die goedkoper is. Welke cursus kiest u? Geef twee redenen voor uw keuze.
Wat erin moet: Beschrijf de cursussen met 'die' ('de cursus die dichtbij is') en geef twee redenen met want of omdat.
- 06 30 seconden
Vertel over een reis die u heeft gemaakt. U had van tevoren veel voorbereid, maar er ging iets mis. Vertel wat u had gedaan en wat er toen gebeurde.
Wat erin moet: Vertel eerst wat je van tevoren had gedaan ('ik had… geboekt, ingepakt') en gebruik daarna 'toen' voor wat er misging.
- 07 30 seconden
Sommige mensen vinden dat iedereen een opleiding moet volgen na de middelbare school. Anderen vinden dat je ook direct kunt gaan werken. Wat vindt u? Geef twee redenen.
Wat erin moet: Geef je mening, erken het andere standpunt met 'hoewel', en geef daarna je eigen reden met omdat.
- 08 30 seconden
Uw docent heeft gezegd dat het examen is verplaatst naar volgende maand. Vertel dit aan een medestudent en geef uw mening over deze verandering.
Wat erin moet: Vertel eerst wat de docent zei met 'De docent heeft gezegd dat…' en geef daarna je eigen mening met 'Ik denk dat…'.
Meer B1-oefenmateriaal — lezen, schrijven en de examenfeiten op een rij — staat op de pagina Inburgeringsexamen B1 oefenen.
Uitspraak: feedback per woord
Zelf beoordelen hoe je uitspraak klinkt is lastig — je hoort je eigen accent niet zoals een examinator dat doet. In de app spreek je een Nederlandse zin in en krijg je meteen een heatmap per woord terug: groen als het goed is, oranje als het beter kan, rood als het niet verstaanbaar was.
Elk oranje of rood woord kun je daarna apart herhalen tot het goed staat — zo weet je precies welk woord je moet bijschaven in plaats van alleen een algemene indruk. Dit is oefenfeedback om zelf mee te sturen, geen officiële examengrade.
Hoe ziet het spreekexamen eruit?
A2 en B1 zijn twee verschillende examens, die je apart boekt en doet. De cijfers hieronder komen van DUO en van het CvTE, de organisatie die het B1-examen maakt.
Spreken (A2)
35 minutenVier soorten vragen: een video, 1 plaatje, 2 plaatjes (kies er één) of 3 plaatjes (vertel een verhaal)
Je maakt het examen op de computer. Het officiële oefenexamen van DUO telt 16 vragen, en per vraag krijg je 1 minuut opnametijd — dat is de duur van de opname, geen aftellende voorbereidingstijd die je moet vullen.
Spreken (B1)
ongeveer 25 tot 30 minuten16 opdrachten in 2 delen: 8 korte en 8 langere
Je krijgt 20 seconden spreektijd per korte opdracht en 30 seconden per langere. Voorbereidingstijd is er niet — die hoort bij Programma II (B2).
Voor B1 geldt: je bent geslaagd voor dit onderdeel bij een score van 500 of hoger. Zak je, dan boek je alleen dat onderdeel opnieuw — en betaal je opnieuw examengeld.
Moet jij A2 of B1 doen?
Dat kies je niet zelf. Je gemeente stelt samen met jou een Plan Inburgering en Participatie op, en daarin staat welke leerroute en welk niveau voor jou gelden. Weet je het niet zeker, vraag het dan na bij je gemeente of bij DUO. Oefenen op het verkeerde niveau is de snelste manier om weken te verliezen.
Zit je op B1, of wil je breder oefenen? Bekijk dan de volledige Inburgeringsexamen B1 oefenen-pagina, met leesteksten, schrijfopdrachten en de examenfeiten op een rij. Wil je eerst weten op welk niveau je zit, doe dan de gratis niveautest op het overzicht met gratis oefenexamens. Het verschil tussen de twee niveaus staat uitgelegd in onze gids over A2 of B1.
Veelgestelde vragen
Hoe oefen ik spreken voor het inburgeringsexamen? +
Oefen met opdrachten die de vorm van het echte examen hebben, hardop, met een timer. Op deze pagina staan echte oefenopdrachten uit onze A2- en B1-leerstof: bij A2 zie je plaatjes en beantwoord je in de tijd die het examen geeft, bij B1 spreek je binnen 20 of 30 seconden op een korte situatie. Neem jezelf op met je telefoon — dat voelt ongemakkelijk, en dat is precies waar spreekoefening voor dient.
Wat is het verschil tussen spreken op A2 en op B1? +
Het zijn twee verschillende examens. Op A2 krijg je alleen vragen bij een plaatje of video: één plaatje, twee plaatjes waarvan je er één kiest, drie plaatjes waar je een verhaal bij vertelt, of een video. Op B1 (Staatsexamen NT2 Programma I) zijn er geen plaatjes meer: je hoort of leest een korte situatie in tekst en reageert erop, met langere en minder voorspelbare opdrachten dan op A2. Kijk in Mijn Inburgering of je PIP welk examen in jouw officiële plan staat.
Hoeveel tijd krijg ik om te spreken? +
Op A2 krijg je per vraag 1 minuut opnametijd — dat is de lengte van de opname, geen aftellende bedenktijd die je moet volpraten. Het officiële oefenexamen van DUO telt 16 vragen in 35 minuten. Op B1 krijg je 20 seconden per korte opdracht en 30 seconden per langere opdracht, bij 16 opdrachten in twee delen en een totale duur van ongeveer 25 tot 30 minuten. Voorbereidingstijd is er op geen van beide niveaus.
Hoe wordt het spreekonderdeel beoordeeld? +
Gebruik de officiële DUO- of CvTE-pagina voor de actuele beoordelingsregels; die maakt deze pagina niet zelf. Wat wél altijd geldt: perfecte uitspraak is niet nodig, verstaanbaar zijn op jouw niveau is genoeg, en een gedeeltelijk antwoord scoort hoger dan geen antwoord — blijf dus praten, ook als je een woord niet vindt, en omschrijf het gewoon.
Hoe kan ik mijn uitspraak oefenen? +
In de app spreek je een Nederlandse zin in en krijg je meteen een score per woord: groen, oranje of rood. Elk oranje of rood woord kun je daarna apart herhalen tot het goed staat. Dat is oefenfeedback voor jezelf, geen officiële examengrade of voorspelling van je uitslag.
Waarom staan er plaatjes bij de A2-opdrachten en niet bij B1? +
Omdat het echte examen zo in elkaar zit. DUO's eigen A2-oefenexamen noemt vier soorten vragen, allemaal bij beeld: een vraag bij een video, bij 1 plaatje, bij 2 plaatjes of bij 3 plaatjes. Het CvTE-formaat voor B1 Programma I kent die indeling niet — daar krijg je een korte situatie in tekst, geen plaatje. Deze pagina volgt voor beide niveaus wat de eigen examenmakers publiceren.
Heb ik een account nodig om te oefenen? +
Voor deze pagina niet: de opdrachten, de uitleg en de voorbeeldzinnen lees je zonder account. Wil je jezelf inspreken en je uitspraakscore per woord zien, dan open je de app — gratis om te beginnen. Het officiële examen boek en doe je apart via DUO op inburgeren.nl.
Laat je uitspraak nakijken
Deze pagina laat je zien wat er van je gevraagd wordt. In de app spreek je je eigen antwoord in en krijg je meteen een score per woord. Voor schrijven, lezen en KNM werkt het net zo. Beginnen is gratis.